Larapinta Dreaming: Aboriginal Kunst van de Woestijnvolken

Old Walter Tjampitjinpa & Squeaky Mick Tjakamarra at Pupunya. Photo; Geoff Bardon

Old Walter Tjampitjinpa & Squeaky Mick Tjakamarra at Pupunya. Photo; Geoff Bardon.

Het Australische continent werd ongeveer vijftig duizend jaar geleden bevolkt door de voorouders van de tegenwoordige Aboriginals. De cultuur van de Aboriginals is in vele opzichten uniek omdat men tot aan de negentiende eeuw nagenoeg geen contact met culturen buiten Australië had.1 Een van de meest in het oog springende uitingen van hedendaagse Aboriginal cultuur zijn de zogenaamde dotpaintings, een markante schilderstijl waarin een duizenden jaren oude vorm van kunst wordt uitgedrukt met moderne materialen en in een moderne context.

De cultuur van de Aboriginals werd vóór de kolonialisten van Australië voornamelijk bepaald door hun directe omgeving en hun materiële cultuur was beperkt tot praktische en rituele gebruiksvoorwerpen. Speren, manden, schilden, rituele palen en muziek-instrumenten werden beschilderd met cultureel bepaalde patronen. Aboriginal kunstenaars waren echter strikt gebonden aan de traditie waarin ze leefden en hun creativiteit was daardoor conservatief.2 Traditionele media waren beperkt tot in de natuur voorhanden materialen zoals rotsen, zand, hout, boombast, bijenwas, riet en het menselijk lichaam. De kunstuitingen van de woestijnvolken waren vanwege het karige landschap beperkt tot zandmozaïeken, lichaamsschilderingen en rotsgravenringen.3

De cultuur van de Aboriginals wordt traditioneel bepaald door wat populair de Droomtijd wordt genoemd. Dit is een voortijdse mythologische periode die de bron van alle kennis is. De Droomtijd wordt overgedragen aan de hand van aan het landschap gerelateerde verhalen, de zogenaamde Dreamings. Deze verhalen worden overgedragen van vader op zoon en van moeder op dochter en ieder verhaal wordt beheerd door een individu of door groepen. De meeste verhalen van de Droomtijd zijn strikt geheim en zijn uitsluitend bekend aan ingewijden van de Dreaming. Landschappen verbonden met deze verhalen zijn aldus toegewezen aan familiegroepen en weer onderverdeeld aan individuen.4 Een bepaalde ceremoniële plek wordt over het algemeen door een beperkte groep mannen of vrouwen beheerd en zij alleen kennen de esoterische betekenis van de plek, uitgedrukt in de Dreaming.5

De patronen die zo kenmerkend zijn voor Aboriginalkunst vormen een taal die gebruikt wordt om de verhalen van de Droomtijd uit te beelden. Zo kan men spreken van scholen in de prekoloniale Australische kunst. Dit zijn echter niet scholen van groepen kunstenaars met gezamenlijke ideeën, maar cultureel-, geografisch- en genetisch gebonden groepen van kunstenaars die uit dezelfde Dreamings hun inspiratie putten.6

Aboriginalkunst wordt op een heel andere manier beleefd dan westerse schilderkunst. Het grootste verschil is dat de traditionele kunst volledig utilitair is. De werken worden uitsluitend vervaardig om de verhalen van de Droomtijd uit te drukken en door te geven aan volgende generaties. Lichaamsschilderingen worden gemaakt ten behoeve van rituelen waarin gebeurtenissen uit de Droomtijd worden nagespeeld. Zandmozaïeken worden op de grond vervaardigd en bekeken, of beter gezegd beleefd, door er op rituele wijze doorheen te zingen en dansen. De schilders van centraal Australië vervaardigen hun contemporaine werken, die veelal zijn afgeleid van traditionele zandmozaïeken, om die reden veelal horizontaal en niet op een ezel. Jackson Pollock is overigens een van de weinige Westerse kunstenaars die zijn werk horizontaal vervaardigde. De werken van Aboriginalkunstenaars worden in musea echter bijna altijd verticaal weergegeven, zoals dat ook met westerse schilderwerken gebeurt. In de Art Gallery of South Australia wordt echter één monumentaal werk van Clifford Possum horizontaal geëxposeerd.

Aboriginalkunst zoals wij die nu kennen is vrij nieuw. Pas in de jaren zeventig wordt de traditionele vormentaal van de Aboriginals als kunst gewaardeerd. Geoffrey Bardon, die als leraar werkzaam was in Papunya Tula heeft deze vorm van kunst onder de aandacht van het de Westerse wereld gebracht. Papunya Tula is één van de vele nederzettingen die in het midden van de vorige eeuw gesticht werden om lokale Aboriginals te huisvesten. Mensen werden gedwongen uit hun traditionele gebieden gehaald en naar deze nederzettingen verplaatst. Deze gedwongen verhuizingen zorgden voor veel spanningen aangezien deze mensen abrupt uit hun traditionele levenswijze gehaald werden. Geoffrey Bardon heeft in het begin van de jaren zeventig de mannen van Papunya Tula materialen gegeven om hun traditionele kunst te kunnen uiten. Dat was het startpunt van de contemporaine Aboriginalkunst.7

Aboriginalkunst heeft zich over de laatste decennia los gemaakt van de traditie en is een op zichzelf staande kunstvorm geworden. In tentoonstellingen van Aboriginalkunst worden gewoonlijk alleen de contemporaine werken geëxposeerd, terwijl de traditionele werken, zoals manden, boemerangs en beschilderde voorwerpen, voornamelijk in de antropologische musea worden tentoongesteld. De inspiratiebron is echter grotendeels hetzelfde gebleven: de verhalen van de Droomtijd.

De ontwerpen in Aboriginalkunst zijn vrijwel volledig abstract en bevatten een over het algemeen esoterische betekenis. Een bepaald ontwerp kan slechts door een beperkte groep, de eigenaars van de Dreaming, correct worden geïnterpreteerd en iedere schildering bevat aldus verschillende betekenislagen.8 Aboriginalkunst kan aldus niet slechts op een immanente wijze geïnterpreteerd worden aangezien de ware betekenis van de werken buiten de schildering zelf ligt. Om tot de ware betekenis van de schilderijen te komen dienen we ze op verschillende niveaus te bezien.

Op het eerste niveau worden de schilderijen bepaald door de vele puntjes die zowel als achtergrond en als voorgrond gebruikt worden. De schilderijen bevatten veelal geen figuratieve elementen maar een cultureel bepaalde beeldentaal.9 De schilderijen uit de vroege moderne periode zijn bijna volledig abstract en staan dicht bij de traditionele zandmozaïeken. Het beschikbare palet wordt traditioneel bepaald door wat in de natuur aanwezig is, voornamelijk verschillende kleuren oker.10 De hedendaagse kunst van Centraal-Australië heeft zich min of meer los gemaakt van de traditie en maakt gebruik van veel meer kleuren en is vaak meer figuratief, zoals blijkt uit het in dit artikel besproken werk.

Op het tweede niveau zijn de schilderijen een uitbeelding van het natuurlijke landschap dat verbonden is met verhalen uit de Droomtijd. Geologische structuren worden door de Aboriginals geïnterpreteerd als gevolgen van de activiteiten van de Droomtijdswezens.11 Zandmozaïeken werden gebruikt om verhalen uit de Droomtijd te illustreren en waren zo een voertuig om kennis over het landschap, zoals de plaatsen waar water en voedsel gevonden kon worden, door te geven aan volgende generaties.12 Men maakt om die reden gebruik van een vrij vaste symbooltaal. Concentrische cirkels symboliseren bijvoorbeeld een kampeerplek, een steen of een plek waar water en voedsel gevonden kan worden. Als er twee of vier U-vormige lijnen omheen staan, dan is dit een kampvuur met mannen (twee lijnen) of vrouwen (vier lijnen).13 Contemporaine Aboriginal schilderkunst heeft deze functie van kennisoverdracht echter verloren omdat het voor een ander publiek gemaakt wordt.

Op het derde niveau kunnen de voorstellingen worden gezien als uitbeeldingen van ceremonies, de zogenaamde corroborees, die worden uitgevoerd om de epische reizen van de Droomtijdswezens uit te beelden. Deze ceremonies worden door de ingewijden van een Dreaming uitgevoerd als deel van hun culturele kalender. Op dit niveau zijn de schilderingen multidimensionaal; ze drukken een reeks van gebeurtenissen in de tijd uit in één afbeelding.14

Op het vierde en diepste niveau bevatten de schilderingen een metafysische kennis die alleen aan ingewijden van de Dreaming bekend is. Over dit diepste niveau van interpretatie is niet veel bekend, aangezien deze kennis geheim is. In de traditionele Aboriginalcultuur overlappen het heilige en het geheime elkaar namelijk volledig. De nadruk op geheimhouding veroorzaakt soms spanningen tussen nieuwsgierige toeristen en lokale bewoners van populaire trekpleisters zoals Uluru.

Het is niet alleen verboden om kennis te delen met buitenstaanders, ook binnen de Aboriginalcultuur bestaan strikte regels over verspreiding van kennis. De website van The Art Gallery of South Australia bevat zelfs een waarschuwing met betrekking tot de esoterische inhoud van de werken:

“… this Site may include images that may be of a culturally sensitive nature. All efforts have been made to ensure that restricted works are not included.”

In het verleden zijn er problemen geweest met het tentoonstellen van werken die geheime verhalen uitbeelden. Volgens Bardon is de ontwikkeling naar meer complexe en drukke, schilderijen een reactie op de nieuwsgierigheid van Westerse kunstliefhebbers om de diepe betekenis van de schilderijen te kennen.15 Aboriginalschilder Tim Leura ziet het schilderen van traditionele patronen op doek of karton echter slechts als speeltjes. Het zijn volgens hem slechts afbeeldingen van de serieuze werken die op de lichamen van deelnemers aan ceremonies of op de grond worden vervaardigd.16

Larapinta Dreaming

Het schilderij dat ik in dit artikel in detail zal bespreken heb ik in juli 2003 gekocht in één van de vele galerieën die Alice Springs rijk is. Aboriginalkunst is verschrikkelijk populair en het is dan ook een belangrijke bron van inkomsten voor veel Aboriginals.

Marylin Armstrong, Larapinta Dreaming, acryl on canvas (63 x 41 cm). Private collection.

Marylin Armstrong, Larapinta Dreaming, acryl on canvas (63 x 41 cm). Prive collectie.

Larapinta Dreaming is geschilderd in acryl op canvas (63×41 cm) door Marylin Armstrong afkomstig uit Hermansburg. Marilyn is geboren in de Jay Creek community, in het rode hart van Australië. Als kind kwam ze in contact met bekende Aboriginalschilders zoals Albert Namatjira en Clifford Possum. Ze begon met schilderen in 1986.17

Het meest opvallende element van Larapinta Dreaming is de ovale ring van rupsen, de Larapinta, die een reeks emu- en dingosporen, omcirkelen. De achtergrond van het schilderij is geheel van stippen vervaardigd. Opvallend is dat in het midden van het werk geen stippen gebuikt zijn. Het gebruikte palet bevat veel vrij felle kleuren, een recente ontwikkeling in contemporaine Aboriginal kunst.

De achterkant van het schilderij geeft inzicht in het tweede niveau van betekenis. De ‘skin name’ geeft aan welke verwantschapsgroep men behoort en welke Dreamings men aldus beheert:

“This area got many sacred sites and there is one where the dogs vomit and other side is were the women had meetings, dances and also the caterpillars dreamings where the Aranda people camp is. Marilyn Armstrong, Mbilja Nampitjinpa (Skin Name)”.

De geologische formaties rondom Alice Springs lijken op grote stenen rupsen die in het landschap liggen. Dit schilderij is aldus waarschijnlijk een verwijzing naar een niet nader genoemde ceremoniële plek in de Macdonnel Ranges.

Aangezien ik niet ben ingewijd in de Larapinta Dreaming kan ik geen uitspraken doen over de ceremoniële en metafysische betekenis van dit schilderij. Ik zou kunnen speculeren dat, aangezien dit door een vrouw is geschilderd, het overgeven te maken zou kunnen hebben met zwangerschapsmisselijkheid. De diepere functie van de Dreaming zou het overbrengen van kennis over zwangerschap aan jonge vrouwen kunnen zijn. Dit is echter pure speculatie van mijn kant.

Deze korte uiteenzetting van het werk Larapinta Dreaming laat zien hoe deze op het oog simpele ontwerpen een diepere betekenis hebben. Deze gelaagde betekenis is wat de Aboriginal kunst aantrekkelijk maakt, het is een venster op een bijna verdwenen cultuur.

Noten


  1. De volken in het Noorden van Australië hadden reeds voor kolonisatie contact met het huidige Indonesië en Papua Nieuw-Guinea: Ronald M. Berndt en Catherine H. Berndt, The world of the first Australians. Australian traditional life: Past and present (Vijfde editie; Canberra 1996), p. 17. 

  2. Berndt en Berndt (1996), p. 411. 

  3. Berndt en Berndt (1996), p. 408 

  4. Bardon, Geoffrey, Papunya Tula. Art of the western desert (Marlston 1999), p. 2-3. 

  5. Berndt en Berndt (1996), p. 412. 

  6. (Berndt en Berndt (1996), p. 409. 

  7. Bardon (1999), p. 22. 

  8. Berndt en Berndt (1996), p. 413. 

  9. Stokes, Deidre, Desert Dreamings (Port Melbourne 1993), p. 9. 

  10. Bardon (1999), p. 125-126. 

  11. Bardon (1999), p. 6. 

  12. Cowan, James, Aborigine dreaming (London 1992), p. 7; Bardon (1999), p.8. 

  13. De website van het Aboriginal Art Museum in Utrecht bevat een overzicht van de gebruikte symbolen. 

  14. Bardon (1999), p.8, p. 132-133. 

  15. Bardon (1999), p. 127. 

  16. Bardon (1999), p. 123. 

  17. ABC, Western Desert Art (radio interview 5 maart 2004). 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *